"De grootste waardering krijg ik van een huurder"

Na ruim twintig jaar als architect en projectleider en een periode bij een aannemer, kwam Johan in 2021 terecht bij ’thuis als projectleider Vastgoed. Juist de combinatie van techniek, bouwen én maatschappelijke impact sprak hem aan. "Ik wilde graag weer aan de opdrachtgeverskant werken. Toen ik deze vacature zag, dacht ik: hier komt eigenlijk alles samen wat ik leuk vind."

johan

Johan kijkt anders naar gebouwen dan veel mensen. Natuurlijk ziet hij een plattegrond, een gevel of een technische oplossing. Maar hij ziet vooral de mensen die er straks gaan wonen. Dat komt volgens hem door zijn achtergrond als architect. "Wel een rare architect", zegt Johan lachend. "Architecten hebben vaak de naam dat ze iets ontwerpen waar ze zelf trots op zijn. Natuurlijk is het mooi als mensen je ontwerp waarderen. Maar voor mij was én is dat nooit het belangrijkste. De grootste waardering krijg ik van een bewoner die zegt: 'Het is fijn wonen hier.'"

Begrijpen hoe iemand leeft in een woning

Luisteren naar klanten of huurders is volgens Johan het belangrijkst. "Als architect kwam ik vaak tegen dat mensen zeggen dat ze een grotere slaapkamer of keuken willen. Maar als je doorvraagt, kom je erachter waarom. Dan vertelt iemand dat hij iedere ochtend een uur in een stoel bij het open raam zit om naar de vogels te luisteren. Dát is voor mij interessant. Dan begrijp je pas hoe iemand een woning beleeft." Die brede blik past ook bij hoe hij altijd heeft gewerkt. Niet alleen ontwerpen, maar ook de techniek, de uitvoering en de mensen eromheen begrijpen.

Verder kijken dan de bouwtekening

De bewoner staat ook nu voor Johan nog centraal. "Hoe dicht sta ik eigenlijk bij de mensen voor wie we bouwen? Dat vraag ik me vaker af", zegt hij. Johan zoekt daarom bewust het contact met bewoners op. Ook als dat niet per se bij zijn functie hoort. Zo schoof hij aan bij gesprekken met bewoners die vanwege sloop of renovatie hun woning moesten verlaten. "Ik wilde weten wat er met die mensen werd afgesproken en wat er voor hen belangrijk was. Dat kost tijd, maar het maakt mijn werk alleen maar breder." Juist doordat hij zowel renovatie- als nieuwbouwprojecten begeleidt, leert hij continu bij. "Bij renovaties hoor je waar bewoners in het dagelijks leven tegenaan lopen. Dat zijn dingen die je weer kunt meenemen naar nieuwbouw. En andersom kom je bij nieuwbouw oplossingen tegen waarvan je denkt: die hadden we bij bestaande woningen ook moeten toepassen."

Blijven ontwikkelen binnen ’thuis

Hoewel Johan nu vooral betrokken is bij de uitvoering van projecten, denkt hij steeds vaker na over de fase daarvoor. "Ik heb altijd graag geschetst. Laatst was één van mijn zoons bezig met een woning en ben ik weer eens gaan schetsen. Toen merkte ik hoeveel plezier ik daar nog steeds uit haal." Die kennis van de voorkant van een bouwproces zou hij in de toekomst graag vaker inzetten binnen ’thuis. "Nu kom ik meestal in beeld als een project al helemaal is uitgewerkt. Dan kun je natuurlijk nog verbeteringen voorstellen, maar dat kost vaak geld. Aan de voorkant kun je veel meer invloed uitoefenen. Ik zou daarom graag wat vaker meedenken over de opzet van projecten." Dat is volgens hem ook het mooie aan werken bij ’thuis. "Die ruimte is er. Ik heb al vaker aangegeven dat ik dat graag wil en collega's staan daar ook voor open. Nu is het vooral een kwestie van er tijd voor maken."

Waar je het uiteindelijk voor doet

Toch zijn het niet de tekeningen of de techniek die Johan het meest bijblijven. Dat zijn de bewoners. "Bij de oplevering van een nieuwbouwproject liep ik nog even over het terrein om te kijken hoe alles verliep. Achter een woning zag ik een jonge man staan. Hij stond gewoon te springen van geluk." Het emotioneert Johan als hij eraan terugdenkt. "Hij was zó blij dat hij eindelijk een woning had." Dat moment raakte hem. Ook omdat het dichtbij kwam. "Ik heb zelf drie zonen. Eén van hen heeft inmiddels een huurwoning, maar zijn tweelingbroer zoekt nog steeds. Ik zie thuis ook hoe moeilijk het is om aan een woning te komen." Juist daarom blijft het beeld van de jonge man hem bij. "Als je dan ziet hoe blij iemand is met zijn sleutel, besef je weer waarvoor je het doet. Uiteindelijk bouwen we niet voor onszelf of voor een mooi ontwerp. We bouwen zodat mensen prettig kunnen wonen. Dát is voor mij de grootste waardering die je kunt krijgen."